Diabetes

De officiële naam luidt diabetisch mellitus en wordt in de volksmond ook wel suikerziekte genoemd.

Voornaamste probleem bij diabetes is het niet goed meer op peil houden van de bloedsuiker.
In het lichaam is het hormoon insuline hiervoor verantwoordelijk.
Mensen met diabetes maken zelf geen insuline meer aan of hun lichaam reageert hier niet meer op.

Type 1 en type 2

Het merendeel van de mensen met diabetes hebben type 2. Maar wat zijn nu de verschillen met type 1.
Hieronder samenvattend kenmerken van type 2 en type 1 diabetes:

Type 2

-    Lichaam kent een insuline tekort;
-    Lichaam reageert niet goed meer op insuline;
-    Risicofactoren zijn onder andere erfelijke aanleg, overgewicht, te weinig lichamelijke beweging en ook ouderdom;
-    Soms sprake van insuline inspuiten, veelal voedings- bewegingsadvies;

Type 1

-    Lichaam maakt geen insuline meer aan, afweersysteem maakt de cellen die insuline maken onbewust kapot;
-    Inspuiten van insuline (of door middel van een pomp) een aantal maal per dag;
-    1 op de 10 mensen met diabetes heeft deze vorm.

Diabetische voet

Bij diabetes raken zenuwen en bloedvaatjes beschadigd, hierdoor is er een verminderde doorstroming van bijvoorbeeld uw benen en voeten. Daarnaast neemt vaak het gevoel in de voeten af.
Dit kan gevaarlijk voor het ontstaan en herstel van wondjes. Wanneer je een wondje niet opmerkt kan deze makkelijker gaan ontsteken of zelfs een zweer vormen.
Daarnaast kunnen mensen met vermindering van gevoel in de voeten een andere loop gaan aannemen. Hierdoor kunnen drukplekken ontstaan.

 diabetische voet.jpg

In het algemeen herstellen wondjes bij mensen met diabetes minder snel.

Aandachtpunten

-    Zorg voor goed passende schoenen, deze mogen niet knellen of drukpunten op de voeten veroorzaken;
-    Controleer uw voeten dagelijks op wondjes;
-    Droog uw voeten goed af na bijvoorbeeld het douchen en neem bij voorkeur geen voetenbad;
-    Controleer uw bloedsuiker;
-    Verzorg uw voeten goed. Laat uw nagels niet te lang groeien en knip deze recht af, eelt bijwerken;
-    Loop niet op blote voeten.

Podologie

Een podoloog kan een goede ondersteuning bieden bij de behandeling van een diabetische voet. Tijdens het onderzoek wordt naast de voetstand en voetfunctie ook testen gedaan met betrekking tot gevoel, warmte/koude en reflexen. Een van de hoofddoelen is het verminderen van drukplekken van de voeten. Dit gebeurt veelal door druk ontlastende steunzolen te maken in combinatie met schoenadvies.

Uitgebreide instructies voor de diabetes patiënt

- Bekijk uw voeten dagelijks. Let op droge voeten, kloofjes, verminderd gevoel in de voeten, tintelingen, pijn, vaak koude voeten, warme plekken aan de voeten, wondjes die moeilijk genezen, en verkleuringen aan de voeten. Neem bij afwijkingen direct contact op met een deskundige.

- Indien u niet goed bij uw voeten kunt komen, is het verstandig om de controle te laten uitvoeren door een naaste. U kunt in dat geval ook gebruik maken van een spiegel. Indien u een verminderd gevoel in uw handen heeft, laat dan het aftasten van de voet om warme plekjes te signaleren aan een ander over.

- Verwijder eelt en/of likdoorns nooit zelf. Gebruik zeker geen likdoornpleisters.

- Draag sokken van een goede kwaliteit. Het liefst zonder (harde) naden, plooien of strak elastiek. Draag sokken van katoen of wol. De sokken mogen niet knellen.

- Loop nooit op blote voeten.

- Zorg voor degelijke (platte) schoenen, die goed passen: let hierbij op zowel lengte als breedte. Het beste is een schoen met een vetersluiting en een stevige hielpartij. Vermijd schoenen met stiksels en naden aan de binnenkant. Deze kunnen in uw huid drukken.

- Koop nieuwe schoenen in de namiddag en loop deze voorzichtig in.

- Loop regelmatig op uw schoenen. Controleer de binnenkant van uw schoenen regelmatig op spijkertjes, steentjes of harde naden.

- Beweeg regelmatig. Beweging is goed voor de bloedsomloop, dus ook voor uw voeten.
Voetgymnastiek bevordert een goede bloeddoorstroming. Er bestaan eenvoudige voetoefeningen.

- Knip uw nagels recht en niet te kort af.

- Gebruik geen kruik in bed. Heeft u koude voeten, gebruik dan thermosokken.

- Was uw voeten regelmatig, maar neem geen voetbaden. Vermijd extreme temperaturen. Droog de voeten goed en deppend af. Wrijf de voeten in met een dunne olie of een geschikte voetencrème.

- Gebruik geen gaas of verband ter bescherming van uw voet. Dit zorgt voor te veel druk op bepaalde plekken in uw schoen.

- Laat uw bloedglucosewaarde regelmatig controleren om complicaties te voorkomen. Ook als de diagnose nog maar kort geleden is gesteld.

- Bezoek regelmatig een pedicure met een aantekening van de diabetische voet, een registerpodoloog of een voetenpoli (minimaal één keer per jaar). Aarzel niet om dit te doen. Het spaart uw voeten.